
Nieuws
“Recycling van kleren kan veel beter”
De Nederlandse textielindustrie staat op een kruispunt. Fast fashion en overconsumptie zorgen voor een groeiende afvalberg, terwijl Nederland zich inzet om tegen 2050 een volledig circulaire textielketen te realiseren. Maar hoe komen we daar?
Ghalia Nassar, consumentenonderzoeker bij Wageningen Sociaal & Economic Research, onderzoekt de huidige stand van textielrecycling in Nederland en de uitdagingen die een volledig circulaire keten in de weg staan. Nassar: “Momenteel wordt slechts een klein deel van het textielafval daadwerkelijk gerecycled tot nieuwe kledingstukken. De meeste ingezamelde textielproducten eindigen in downcycling-processen, zoals de productie van isolatiemateriaal of poetsdoeken, waardoor de waarde van de materialen verloren gaat. Bovendien blijft een groot deel van het textielafval ongeregistreerd of belandt het op de vuilnisbelt of in verbrandingsovens.”
Butterfly Framework
Om de circulaire doelen te halen, is een beter begrip nodig van de knelpunten in de textielrecyclingketen. Nassar maakt daarvoor gebruik van het Butterfly Framework, een WUR-model dat de wisselwerking tussen de technische, ecologische en sociaaleconomische aspecten van textielrecycling in kaart brengt. Hierdoor wordt duidelijk waar de uitdagingen liggen, zoals gebrekkige inzameling en sortering, technische beperkingen in recyclingmethoden, en een gebrek aan markt voor gerecyclede stoffen. “Het Butterfly Framework zorgt voor een systeemaanpak. Textielrecycling wordt zelden bestudeerd vanuit een geïntegreerd perspectief, dus dit biedt een genuanceerde en holistische kijk op het recyclingsysteem, wat nodig is voor een succesvolle transitie,” zegt Nassar.

De uitdagingen op een rij
Technische belemmeringen
Veel kledingstukken bestaan uit gemengde stoffen, zoals katoen-polyester blends, die moeilijk te recyclen zijn. Mechanische recycling leidt vaak tot vezelverlies en kwaliteitsvermindering, terwijl chemische recycling nog in de kinderschoenen staat en hoge kosten met zich meebrengt.
Beleid en regelgeving
Vanaf 2025 moeten alle EU-lidstaten gescheiden inzameling van textiel organiseren, maar er is nog veel onduidelijkheid over hoe dit effectief geregeld wordt. Wetgeving rondom gerecyclede stoffen is versnipperd, wat innovatie belemmert.
Consumentengedrag
Veel consumenten zijn zich onvoldoende bewust van de impact van hun kledingkeuzes en recyclen textiel niet op de juiste manier. Daarnaast is er nog steeds een grote voorkeur voor goedkope, nieuwe kleding boven duurdere, duurzame alternatieven.
Marktdynamiek
Gerecyclede materialen concurreren met goedkope, nieuwe grondstoffen. Zolang gerecyclede stoffen duurder en kwalitatief minder consistent zijn dan nieuwe materialen, blijft de vraag beperkt tot specifieke niches en blijft de textielindustrie grotendeels lineair.
Recyclingpercentages verhogen
Ondanks deze uitdagingen biedt de transitie naar een circulaire textielindustrie ook enorme kansen. “Slimmere recyclingtechnieken en circulair productontwerp – waarbij kledingstukken al vanaf de ontwerpfase worden gemaakt met hergebruik in gedachten – kunnen de recyclingpercentages verhogen. Daarnaast is nauwere samenwerking tussen overheden, bedrijven en consumenten essentieel. Overheden kunnen via beleid en subsidies duurzame innovaties stimuleren, terwijl bedrijven kunnen investeren in duurzame productieprocessen,” aldus Nassar.
Maar de échte sleutel tot succes? Minder produceren en bewuster consumeren. Alleen door ons koopgedrag te veranderen, langer met onze kleding te doen en vaker te kiezen voor hergebruik, kunnen we een mode-industrie creëren die niet alleen stijlvol, maar ook toekomstbestendig is. “Ons WSER-onderzoek biedt een waardevolle basis voor onderzoekers, beleidsmakers en bedrijven om gezamenlijk stappen te zetten richting een duurzamere toekomst voor textiel. Ik zou graag zien dat de circulaire economie prioriteit geeft aan milieu-impact boven economische winstkansen. Zo kunnen we pas echt toewerken naar een duurzame verandering in consumentengedrag.”