
Nieuws
Akkerbouw en veehouderij: regels hinderen samenwerken
Effectieve samenwerking tussen akkerbouwers en veehouders kan een bijdrage leveren aan kringlooplandbouw en milieudoelen zoals het verbeteren van biodiversiteit. Bijvoorbeeld door land uit te wisselen tussen akkerbouwer en veehouder. Maar de praktijk is weerbarstig, zegt Femke Meulman, onderzoeker Transitie en Innovatie: “ Agrarisch ondernemers ervaren dat veel wet- en regelgeving gericht is op individuele en sectorale bedrijfsvoering, met focus op het maximaliseren van winst op korte termijn. Dit staat samenwerking vaak in de weg.” Wat moet er gebeuren om die struikelblokken weg te nemen?
Samen met collega’s van Wageningen Social & Economic Research en de leerstoelgroep Animal Production Systems werkte Meulman aan een rapport over sociale aspecten van samenwerking tussen agrarische bedrijven. “Kringlooplandbouw zorgt voor een duurzamer en toekomstbestendiger voedselsysteem. Door slim samen te werken kunnen akkerbouwers en veehouders hieraan bijdragen door lokale kringlopen te sluiten, de bodemgezondheid te verbeteren en zich beter te weren tegen externe factoren. Dit onderzoek laat zien hoe samenwerkingen in verschillende regio’s zich organiseren, wat nodig is om samenwerking te faciliteren én welke obstakels we moeten overwinnen.”
Succesfactoren van samenwerking
Meulman en collega’s interviewden 23 agrariërs en adviseurs in vijf samenwerkingspilots binnen het PAVEx-project. “Hierbij hebben we gekeken naar wat ondernemers motiveert om samen te werken, wat de samenwerking hen brengt, en welke uitdagingen zij tegenkomen.” De deelnemers werkten samen aan verschillende doelen, zoals het verbeteren van de gewasrotatie en bodem, het behalen van economische voordelen of het voldoen aan milieuregels en grondgebondenheidseisen.
Uit het onderzoek blijkt dat sociale aspecten een cruciale rol spelen in het slagen van samenwerkingen. Een van de factoren die hieraan bijdraagt, is dat samenwerkende agrariërs ervaren dat ze problemen gezamenlijk aanpakken. Dit stimuleert hun collectieve vindingrijkheid en versterkt hun weerbaarheid tegen de uitdagingen die op hun pad komen. Andere succesfactoren zijn fysieke en sociale nabijheid en een eerlijke verdeling van kosten en baten. Hoe zo'n samenwerking wordt vormgegeven, verschilt per regio. Sommige ondernemers leggen afspraken liever vast in contracten, terwijl anderen juist alles op basis van vertrouwen regelen. Elke regio heeft zijn eigen werkwijze, waardoor samenwerkingen niet volgens een vaste blauwdruk kunnen worden opgelegd.
Beleid en economische risico’s belemmeren samenwerking
Ondanks de duidelijke voordelen ervaren ondernemers ook obstakels. Wet- en regelgeving werd het vaakst genoemd door geïnterviewden, omdat zij ervaren dat dit de samenwerking beperkt. De regels voor akkerbouw en veehouderij sluiten bijvoorbeeld niet goed op elkaar aan, waardoor een gezamenlijk plan maken lastig is. Een ander probleem is dat administratieve systemen van de overheid samenwerking niet ondersteunen. Dat vergroot de kans op fouten, extra kosten en het mislopen van subsidies.
Wat moet er gebeuren?
Het rapport benadrukt dat samenwerking tussen akkerbouw en veehouderij gefaciliteerd kan worden als beleid sectoroverstijgende initiatieven actief ondersteunt, in plaats van belemmert. Dit vraagt om wetgeving en subsidies die beter aansluiten op gemengde bedrijfsmodellen. Samenwerkingen zijn van nature gericht op langdurige duurzaamheid. Agrariërs ervaren echter dat de huidige wet- en regelgeving te veel de nadruk legt op kortetermijnwinst, waardoor strategieën en investeringen die op de lange termijn bijdragen aan duurzaamheid in de knel komen. Ook is er behoefte aan flexibelere regelgeving, zodat agrariërs op lokaal niveau samenwerkingsafspraken kunnen maken zonder onnodige administratieve barrières.
Zo zou het bijvoorbeeld eenvoudiger moeten worden voor melkveehouders om mest uit te ruilen met akkerbouwers. Het vakmanschap en ondernemerschap van de agrarische ondernemer en de collectieve vindingrijkheid van de samenwerking kunnen beter tot zijn recht komen, wanneer mogelijkheden worden geboden voor maatwerk. Hierbij kan elk partnerschap zelf bepalen hoe zij aan milieudoelen voldoen, en daarbij hun eigen samenwerkingsvorm behouden.
“Door deze aanpassingen kunnen agrarisch ondernemers beter samenwerken en bijdragen aan een duurzamer circulair voedselsysteem,” zegt Meulman.