
CGN-bladgroentencollectie
Bladgroenten zijn een zeer variabele groep van gewassen die worden verbouwd vanwege hun eetbare blad. Het onderscheid tussen bladgroenten en andere groenten is echter niet altijd duidelijk.
Een overzicht van gewassen die door ECPGR als bladgroente worden beschouwd is besproken tijdens de bijeenkomst van het groentenetwerk in Portugal in 2000 (Lebeda en Boukema 2001). Dit resulteerde in een groep geslachten bestaande uit Asparagus, Atriplex, Chenopodium, Chrysanthemum, Cichorium, Cynara, Diplotaxis, Eruca, Lactuca, Lepidium, Portulaca, Rheum, Rumex, Spinacia, Taraxacum, Tetragonia en Valerianella.
Lactuca soorten (sla) en Spinacia soorten (spinazie) zijn de belangrijkste bladgroentecollecties van CGN. Daarnaast heeft CGN een collectie van Valerianella (veldsla), terwijl er in de kruisbloemigencollectie accessies van Eruca (rucola) zijn opgenomen.
Referenties
CGN veldslacollectie
Veldsla is een relatief klein gewas dat hoort bij de groep van kleine bladgroenten. Omdat de veldslacollectie van CGN nog maar kort bestaat, is deze nog niet uitgebreid beschreven aan de hand van karakteriserings- en evaluatiegegevens en is er tot nu toe ook nog niet op grote schaal gebruik van gemaakt voor veredeling en onderzoek.
CGN slacollectie
Met bijna 2600 accessies (augustus 2024) is de collectie van CGN wereldwijd een van de grootste slacollecties. In de collectie zijn wilde soorten, met meer dan 40% van de totale collectie, goed vertegenwoordigd. De collectie is goed (moleculair) gekarakteriseerd en er zijn ook veel gegevens over eigenschappen verzameld.
CGN spinaziecollectie
De spinaziecollectie van CGN is momenteel een van de grootste collecties wereldwijd.